De instrumenten

Het Orgelpark is gevestigd in de voormalige Parkkerk, in de Nederlandse kerkgeschiedenis beroemd geworden door de ‘kwestie-Geelkerken’. Dominee Geelkerken, volgens kenners van toen een preektijger die volle kerken trok, beweerde in 1924 namelijk dat de slang in het paradijs niet écht met Eva gepraat had. Sindsdien zaten er op zondag regelmatig politieagenten in de Parkkerk: de autoriteiten waren bang voor ongeregeldheden.

Het past dus wel een beetje bij dit in 1918 door architect E.A.C. Roest opgeleverde gebouw dat alles er een beetje anders dan anders gaat. Anders dan anders is zeker ook het Orgelpark, niet het minst doordat het over vijf grote orgels beschikt. En omdat het niet alleen maar orgel is wat in het Orgelpark de klok slaat, staan er tevens een Erard-vleugel uit 1899 klaar, een nieuwe Sauter-vleugel, een schitterend Mustel-harmonium met celesta uit de jaren ’20, een klein kistorgel gebouwd door orgelmakerij Elbertse uit Soest en het draaiorgel The Busy Drone. In het Orgelpark staat de muzikale geschiedenis sinds ongeveer 1870 centraal; vandaar dat de instrumentencollectie zo is samengesteld.