Componist Jan Vriend (26 januari en 17 februari)

Jan Vriend: "Ik ben een soort Frankenstein"

 

 

Twee keer staat de muziek van Jan Vriend centraal in het Orgelpark. Op 26 januari voert Jan Hage zijn magistrale driedelige Jets d’Orgue integraal uit. Een maand later, op 17 februari, is Hage opnieuw te horen in een gevarieerd programma rond de componist, die zelf delen uit zijn pianowerk Liebesträume zal spelen. Bovendien staat een première op het programma van een compositie die Vriend geschreven heeft voor pianist Ralph van Raat en Ilonka Kolthof op piccolo.

 

“Ik heb de neiging om noten in grote hoeveelheden te schrijven.” Componist en toetsenspeler Jan Vriend zegt het met een mengeling van zelfkennis en zelfspot. Die beschrijving gaat zeker op voor de orgelwerken Jets d’Orgue en Bachanalia... mit Tränen.... In het driedelige Jets d’Orgue ziet hij het orgel als een reusachtige fontein die klanken in het rond sproeit in complexe combinaties van kleuren, patronen, dichtheden en snelheden. De muziek van Bachanalia omschrijft hij als een rapsodische potpourri van Bach-citaten.

 

Je moet orakels niet overvragen

Hij heeft zelfs een van zijn werken voor piano de titel Meden agan gegeven, een van de drie motto’s boven de ingang van de grot waarin het orakel van Delphi huisde. “Het betekent zoveel als ‘niet teveel’. Met andere woorden, je moet het orakel niet overvragen. Voor mij was het een aansporing aan mezelf om me in te houden. Ik houd van het uitwerken van muziek tot in details en met grote precisie. Daarbij gaat het niet om het detail op zich, maar om de manier waarop ze onderdeel zijn van een grotere architectuur. Ik voel me verwant met het werk van Brueghel en Bosch, die in een doordachte compositie honderden verhalen kunnen vertellen.”

 

Radicale vorm van registratie

Vriend bereikt de klankenrijkdom in Jets d’Orgue ook door een radicale omgang met de registratie. De mogelijkheden van het instrument waarop het gespeeld wordt, bepalen derhalve het klinkend resultaat. Het werk ging in première op het orgel van de St Paul in Londen. “Het was als een van de eerste orgels uitgerust met een computergestuurde registratie, die van tevoren ingeprogrammeerd kan worden. In het stuk zitten zo’n duizend registratieveranderingen. Als je dat met mensenhand wilt laten doen, heb je twee registranten nodig die het stuk van binnen en van buiten kennen. Met de fysieke actie en het feit dat ze zowel de muziek op de partituur moeten volgen en de registers bedienen, is het topsport. Tot nu toe is het steeds in kathedralen uitgevoerd met een ruime galm, waardoor veel details verloren gaan. In het Orgelpark gaat het beslist anders klinken. Het zal qua noten meer gedefinieerd klinken."

 

Citaten

Iets vergelijkbaars geldt voor Bachanalia... mit Tränen..., dat Vriend specifiek voor de registratiemogelijkheden schreef van het orgel in het Concertgebouw. Net veel van zijn werken wemelt dit van de citaten, met name uit de muziek van Bach zelf, zoals beide elementen van de titel doen vermoeden. Bovendien verwijst Vriend in de opening naar de klarinetpartij uit het begin van Beethovens Zevende Symfonie. Die elementen vormen uiteindelijk een autonoom werk. “Verwijzingen moeten geen doel op zich worden. Waar het om gaat is dat alle onderdelen die je gebruikt, een muzikaal staketsel en een organisme gaan vormen. Je werkt met dood materiaal dat tot leven moet komen. Wat dat betreft ben ik, net als andere componisten, een soort Frankenstein.”

 

Jan Vriend in zijn werkkamer. Foto: Lena Proudlock.

 

 

Symphonic Dances

In zijn Symphonic Dances voor solo-cello, geschreven voor de Engelse Joy Lisney, verwijst hij wel naar Bach maar heeft hij geen citaten verwerkt. Hij grijpt terug naar de Cello Suites van Bach zelf en die van Benjamin Britten, en de manier waarop harmonie en dansritmes het staketsel van de compositie vormen. Net als Symphonic Dances horen ook Liebesträume, waarvan Jan Vriend zelf twee delen zal uitvoeren, en de Sonate voor piano en piccolo tot de werken die hij voor specifieke musici geschreven heeft. In beide stukken is dat pianist Ralph van Raat. Ilonka Kolthof was de opdrachtgeefster van de Sonate en inspiratie voor de piccolopartij. “Eigenlijk is mijn hele output gebaseerd op uitdagingen, en op de mensen met wie ik werk. Het is niet eenvoudig om de piccolo en de piano op succesvolle wijze te verenigen. De sonate is ontworpen om dat probleem van allerlei kanten te benaderen en de twee instrumenten met elkaar ‘in overeenstemming’ te brengen. De pianopartij is als het ware de akoestische ruimte van de piccolo. Het moet nu blijken of ik daarin geslaagd ben.”

 

 

 

Auteur René van Peer is muziekjournalist, bekend van onder meer VPRO-programma's als Café Sonore, het Muziekgebouw aan ’t IJ en het Holland Festival.

Word
Gast
vriend

Word GastVriend van het Orgelpark

Bezoek alle Orgelpark concerten voor slechts 70 euro per jaar. Daarmee helpt u ons om het orgel een nieuwe plaats te geven in het actuele muziekleven en geeft u jong talent de kans op te treden in een bijzondere ambiance.

Lees meer

Stichting Utopa actualiseert en stimuleert creatieve talenten van mensen

Lees meer
Muziekspeler
Kies een muziekstuk